De behandeling

Voordat de paardensportmasseur start met behandelen wordt eerst een analyse gemaakt vanuit onderstaande onderzoeken:

  • Anamnese:
    De paardensportmasseur voert een vraaggesprek met de ruiter/eigenaar waarbij o.a. afstamming, historie, gebruik, huisvesting en andere bijzonderheden aan bod komen
  • Inspectie:
    Het exterieur van het paard wordt waargenomen waarbij gelet wordt op de gemoedstoestand , hoofd-hals verbinding, stand van de hals, bespiering hals, rug verloop, achterhand , stand van benen, hoefstanden.
  • Eerste palpatie:
    De paardensportmasseur tast het paard af waarbij gelet wordt  op afwijkingen zoals zwellingen, littekens, warmteverschil, spierspanningen en atrofie.
  • Monstering:
    Indien mogelijk wordt het paard op de  harde ondergrond rechtuit in stap en draf voorgesteld waarbij de paardensportmasseur let op been-,rug-, en bekkengebruik.
  • Longeren:
    Indien er geen contra-indicatie is, wordt het paard op zachte bodem gelongeerd. Ook hierbij wordt gelet op been-, rug-, en bekkengebruik en tevens op de verschillende buigingen. 
  • Tweede palpatie:
    Bij de tweede palpatie zoekt  de paardensportmasseur naar eventuele veranderingen in het paardenlichaam die ontstaan kunnen zijn na arbeid.

Vanuit de analyse bespreekt de paardensportmasseur het advies/behandelplan met de eigenaar waarna de eerste behandeling kan plaatsvinden, tenzij er reden is om door te verwijzen naar een dierenarts of fysiotherapeut.

Ilona Heusschen behandelt het paard op de locatie waar deze gehuisvest is.
Voorwaarden voor behandeling zijn:

  • Het paard is nog niet getraind die dag
  • Het paard is droog en schoon
  • Het paard is gewend om aangeraakt te worden en kan voetjes geven.
  • Er is een ruimte om te behandelen (een rustig gelegen ruime poetsplaats is ideaal)
  • Er is ruimte om het paard op een harde ondergrond heen en weer te laten stappen en draven
  • Er is gelegenheid tot longeren